Activiteiten
Wat zijn Activiteiten?
In BPMN 2.0 staat een Activiteit voor een taak of een reeks taken binnen een bedrijfsproces. Activiteiten zijn de bouwstenen van een procesmodel en beschrijven de concrete acties die nodig zijn om het proces vooruit te helpen. In een BPMN-diagram worden ze weergegeven als rechthoeken met afgeronde hoeken.
Typen Activiteiten
-
Task:
- Een enkele, atomaire activiteit die een basiseenheid van werk vertegenwoordigt.
- Voorbeeld: “Factuur versturen” of “Aanvraag goedkeuren”.
-
Subprocess:
- Een samengestelde activiteit die een reeks andere taken of processen bevat.
- Deze kan worden uitgevouwen, zodat alle interne taken zichtbaar zijn, of samengevouwen, zodat hij als één activiteit wordt weergegeven.
- Voorbeeld: een wervingsproces kan een subprocess zijn binnen het grotere onboardingproces voor medewerkers.
-
Call Activity:
- Een herbruikbaar proces of subprocess dat door een ander proces wordt aangeroepen.
- Voorbeeld: een gedeeld proces “Klantverificatie” dat in meerdere workflows wordt gebruikt.
Gespecialiseerde typen Tasks
Tasks kunnen worden ingedeeld op basis van de betrokken deelnemers en de objecten die tijdens het proces worden gebruikt, verbruikt of aangemaakt.
Generieke Task
Generieke tasks vormen een startpunt voor je procesmodel. Je kunt ze snel implementeren en later, wanneer nodig, verfijnen tot specifieke subtypen.
Manual Task
Manual tasks worden door mensen uitgevoerd en hebben geen rechtstreekse interactie met de process engine. Voorbeelden zijn documenten in mappen ordenen, verschillen op facturen telefonisch oplossen en klanten persoonlijk helpen aan de servicebalie.
User Task
User tasks worden door mensen uitgevoerd en specifiek toegewezen door een process engine. Deze engine zet tasks rechtstreeks in de task queue van elke gebruiker. Na afronding vraagt de engine om een bevestiging, vaak door data in te voeren of op een knop te klikken. User tasks vormen een belangrijk onderdeel van systemen voor Human Workflow Management.
Veelvoorkomende voorbeelden zijn een factuur controleren, een vakantieaanvraag goedkeuren en een supportticket behandelen.
Receive Task
Receive tasks modelleren het ontvangen van een bericht als een afzonderlijke task binnen de procesflow. Dit type task is een alternatief voor het message-catching event, dat in BPMN 2.0 wordt weergegeven met een leeg envelopsymbool.
Receive Task (Instantiating)
Wanneer een receive task wordt aangewezen om een proces te starten, als alternatief voor het message start event, wordt dit aangegeven met een klein eventpictogram in de linkerbovenhoek.
Send Task
Send Tasks zijn technische taken die door de process engine worden uitgevoerd. Ze worden vooral gebruikt om webservices asynchroon aan te roepen via message queues.
Script Task
Script Tasks worden rechtstreeks in de process engine uitgevoerd en moeten zijn geschreven in een taal die de engine kan interpreteren.
Service Task
Service Tasks verwijzen naar bewerkingen die softwareapplicaties uitvoeren. Ze worden automatisch uitgevoerd als onderdeel van de process workflow. BPMN gaat er meestal van uit dat deze functies via webservices worden geleverd, maar andere implementaties zijn ook mogelijk. Deze taken vormen een belangrijk onderdeel van procesgerichte integratie en sluiten nauw aan bij de principes van Service-Oriented Architecture (SOA).
Business Rule Task
BPMN 2.0 introduceert de Business Rule Task, speciaal bedoeld om bedrijfsregels binnen een proces toe te passen.
Belangrijkste kenmerken
- Sequence Flows: Activiteiten zijn verbonden met pijlen, de Sequence Flows, die bepalen in welke volgorde taken worden uitgevoerd.
- Loop en Multi-instance: Sommige activiteiten kunnen worden herhaald, of gelijktijdig door meerdere deelnemers worden uitgevoerd.
Voorbeeld
- Een activiteit “Review Application” kan een User Task voorstellen waarin een manager een aanvraag beoordeelt. Deze taak kan onderdeel zijn van een groter Subprocess met de naam “Application Processing”.
Activiteiten vormen de basis voor het vastleggen van de afzonderlijke processtappen en de manier waarop werk wordt uitgevoerd om het gewenste resultaat in een BPMN-model te bereiken. Het kunnen eenvoudige taken zijn, maar ook complexe Subprocesses met meerdere activiteiten en flowvoorwaarden.
Volgende stap
Andere activiteitstypen zijn ingeklapte Subprocesses, Multi-instance Tasks en AdHoc Subprocesses.