Jouw datatemplate voor het crediteurenbetalingsproces
Jouw datatemplate voor het crediteurenbetalingsproces
- Essentiële datavelden voor betalingsanalyse
- Belangrijke procesmijlpalen voor het volgen van workflows
- Stapsgewijze extractie-instructies voor SAP ECC
Attributen voor crediteurenbetalingen
| Naam | Beschrijving | ||
|---|---|---|---|
|
Activiteitsnaam
ActivityName
|
De specifieke processtap of actie die is uitgevoerd. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut beschrijft de gebeurtenis in het Accounts Payable-proces, zoals 'Invoice Posted', 'Payment Block Applied' of 'Payment Run Executed'. Het bepaalt de knooppunten in de procesmap. Met de volgorde van deze activiteiten kun je procesvarianten visualiseren, herbewerkingslussen herkennen, bijvoorbeeld het opheffen en opnieuw toepassen van een blokkade, en compliance controleren aan de hand van de standaardgoedkeuringsworkflow.
Waarom dit belangrijk is
Het bepaalt de procesflow en is nodig om het verloop van de factuur te visualiseren.
Waar je het vindt
Afgeleid uit Transaction Codes (TCODE), Change Document Object Classes (CDHDR) of Workflow Logs
Voorbeelden
Factuur geboektBetalingsblokkade verwijderdPrijswijziging
|
|||
|
Bronsysteem
SourceSystem
|
De identificatie van de SAP ERP-instantie. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut identificeert het specifieke SAP ECC-systeem of de client waaruit de data is geëxtraheerd. In omgevingen met meerdere systemen is dit belangrijk om data gescheiden te houden en prestaties per regio of bedrijfsonderdeel te analyseren. Je kunt hiermee de procesweergave filteren op specifieke omgevingen. Ook zorgt het voor een unieke case-identificatie wanneer meerdere SAP-instanties in hetzelfde process mining-datamodel worden ingelezen.
Waarom dit belangrijk is
Zorgt voor unieke data en context in omgevingen met meerdere ERP-systemen.
Waar je het vindt
Systeemconfiguratie of extractieparameter
Voorbeelden
SAP_ECC_PRODERP_NASAP_P01
|
|||
|
Factuurnummer
InvoiceNumber
|
De unieke identificatie van het factuurdocument van de leverancier. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut is de centrale case-identificatie voor het Accounts Payable-proces. In SAP ECC is dit technisch gezien een samenvoeging van de Client, Company Code, het boekjaar en het nummer van het boekhoudkundige document (BELNR), zodat het document in het hele systeem uniek is. Het groepeert alle activiteiten die bij een specifieke verplichting aan een leverancier horen. In de analyse wordt dit veld gebruikt om de volledige levenscyclus van een betalingsverplichting te volgen. Process mining-tools kunnen hiermee de geschiedenis van een factuur reconstrueren, vanaf het moment waarop deze wordt ontvangen of gescand tot en met de definitieve clearingboeking in het General Ledger.
Waarom dit belangrijk is
Dit is de belangrijkste sleutel om gebeurtenissen, statuswijzigingen en financiële boekingen aan één procesinstantie te koppelen.
Waar je het vindt
SAP ECC-tabel BKPF, veld BELNR (gecombineerd met BUKRS en GJAHR)
Voorbeelden
1000-2023-1900001234US01-2023-51000008922000-2024-1500004455
|
|||
|
Laatste data-update
LastDataUpdate
|
De timestamp van de meest recente data-extractie. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut geeft aan wanneer het datarecord voor het laatst vanuit het bronsysteem is vernieuwd. Je gebruikt het om te bepalen hoe actueel de analyse is en om incrementele data-ladingen te beheren. In dashboards helpt dit gebruikers te begrijpen of ze naar realtime data kijken of naar een momentopname uit een eerdere periode. Dat is belangrijk voor de operationele monitoring van openstaande facturen.
Waarom dit belangrijk is
Geeft context over datavertraging en betrouwbaarheid.
Waar je het vindt
Metadata van het ETL-proces
Voorbeelden
2023-11-01T00:00:00Z2023-11-01T12:00:00Z
|
|||
|
Timestamp van gebeurtenis
EventTimestamp
|
De exacte datum en tijd waarop de activiteit plaatsvond. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut registreert het precieze moment waarop een actie in het SAP-systeem plaatsvond. Meestal worden hiervoor de systeemdatum en systeemtijd uit de relevante tabellen gecombineerd, bijvoorbeeld CPUDT en CPUTM. Dit is essentieel voor het berekenen van alle tijdgebonden KPI's, waaronder doorlooptijd, goedkeuringstijd en procesdoorvoer. Zonder nauwkeurige timestamps kun je de volgorde van gebeurtenissen niet bepalen en de efficiëntie niet meten.
Waarom dit belangrijk is
Essentieel voor het ordenen van gebeurtenissen en het berekenen van doorlooptijden.
Waar je het vindt
SAP ECC-tabellen BKPF (CPUDT/CPUTM) of CDHDR (UDATE/UTIME)
Voorbeelden
2023-10-15T09:30:00Z2023-10-15T14:45:12Z2023-10-16T08:15:00Z
|
|||
|
Bedrijfsnummer
CompanyCode
|
De organisatie-eenheid waarvoor de financiële overzichten worden opgesteld. | ||
|
Beschrijving
De Company Code (BUKRS) is de centrale organisatie-eenheid in SAP Financial Accounting. Deze vertegenwoordigt een specifieke juridische entiteit of dochteronderneming binnen de organisatiestructuur. Met dit attribuut kun je procesprestaties per dochteronderneming of regio uitsplitsen. Zo kunnen betrokkenen percentages voor te late betaling of automatiseringspercentages tussen bedrijfsonderdelen vergelijken en zien welke onderdelen vooroplopen of achterblijven.
Waarom dit belangrijk is
Belangrijkste dimensie voor benchmarking per organisatieonderdeel.
Waar je het vindt
SAP ECC-tabel BKPF, veld BUKRS
Voorbeelden
1000US01DE10
|
|||
|
Betalingsmethode
PaymentMethod
|
De methode waarmee de factuur wordt betaald, bijvoorbeeld cheque, bankoverschrijving of ACH. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut (ZLSCH) geeft aan hoe de betaling wordt of is uitgevoerd. Het maakt onderscheid tussen handmatige cheques, bankoverschrijvingen en elektronische betalingen. Dit veld vormt de basis voor het dashboard 'Payment Method Automation Mix' en de KPI 'Electronic Payment Adoption Rate'. Zo kunnen organisaties de overstap volgen van dure handmatige cheques naar goedkopere elektronische overschrijvingen.
Waarom dit belangrijk is
Volgt de efficiëntie en kosten van de uitvoeringsfase van de betaling.
Waar je het vindt
SAP ECC-tabel BSEG of BKPF, veld ZLSCH
Voorbeelden
CTJe
|
|||
|
Betalingsvoorwaarden
PaymentTerms
|
De code die de voorwaarden voor betaling en kortingen bepaalt. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut bevat de Key for Terms of Payment (ZTERM). Deze bepaalt wanneer de factuur vervalt en of er betalingskortingen gelden, bijvoorbeeld 2% bij betaling binnen 10 dagen. Het vormt de basis voor het berekenen van het 'Early Payment Discount Capture Rate'. De analyse gebruikt deze code om de gewenste betaaldatum te berekenen en afwijkingen te herkennen die leiden tot gemiste kortingen of boetes.
Waarom dit belangrijk is
Bepaalt de financiële deadline en mogelijkheden voor korting.
Waar je het vindt
SAP ECC-tabel BSEG, veld ZTERM
Voorbeelden
Z001NT300002
|
|||
|
Clearingdatum
ClearingDate
|
De datum waarop de factuur in het systeem is vereffend of betaald. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut (AUGDT) registreert wanneer de openstaande post in het General Ledger is vereffend. Daarmee is het betalingsproces voltooid. Dit is de eindtimestamp voor de KPI 'Average Invoice Cycle Time'. Door deze datum met de vervaldatum te vergelijken, bepaal je of de betaling te laat of op tijd was.
Waarom dit belangrijk is
Markeert de voltooiing van het financiële proces.
Waar je het vindt
SAP ECC-tabel BSEG, veld AUGDT
Voorbeelden
2023-11-202023-12-05
|
|||
|
Code voor betalingsblokkade
PaymentBlockCode
|
Geeft aan of en waarom een factuur voor betaling is geblokkeerd. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut (ZLSPR) bevat de code die voorkomt dat een factuur wordt meegenomen in de automatische betaalrun, bijvoorbeeld 'R' voor Invoice Verification of 'A' voor Locked. Het monitoren van dit attribuut vormt de kern van het dashboard 'Payment Block and Hold Resolution'. Analisten kunnen hiermee de meest voorkomende redenen voor betalingsvertragingen herkennen en meten hoe lang facturen geblokkeerd blijven.
Waarom dit belangrijk is
Belangrijkste indicator voor procesfrictie en de behoefte aan handmatige interventie.
Waar je het vindt
SAP ECC-tabel BSEG, veld ZLSPR
Voorbeelden
ARnull
|
|||
|
Documenttype
DocumentType
|
Classificeert het boekhoudkundige document, bijvoorbeeld factuur of creditnota. | ||
|
Beschrijving
Het Document Type (BLART) categoriseert de boeking en maakt onderscheid tussen standaardleveranciersfacturen, bijvoorbeeld KR, creditnota's, KG, en betalingen, KZ. Filteren op Document Type is essentieel voor een juiste analyse van doorlooptijden, omdat creditnota's een andere procesflow volgen dan standaardfacturen. Zo vergelijk je processen die daadwerkelijk vergelijkbaar zijn.
Waarom dit belangrijk is
Maakt onderscheid tussen verschillende financiële workflows, zoals facturen en creditnota's.
Waar je het vindt
SAP ECC-tabel BKPF, veld BLART
Voorbeelden
KRREKG
|
|||
|
Factuurbedrag
InvoiceAmount
|
De totale geldwaarde van de factuur in lokale valuta. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut vertegenwoordigt het bedrag dat aan de leverancier moet worden betaald (DMBTR of WRBTR). Het is belangrijk om de financiële impact van procesinefficiënties te beoordelen. Dit veld wordt gebruikt in de mapping 'Activity Amount' en maakt KPI's mogelijk die rekening houden met de waarde. Een te late betaling van een factuur met een hoog bedrag is bijvoorbeeld belangrijker dan die van een factuur met een laag bedrag. Zo kun je werk prioriteren op basis van de impact op werkkapitaal.
Waarom dit belangrijk is
Maakt de financiële omvang van de procesinstantie meetbaar.
Waar je het vindt
SAP ECC-tabel BSEG, veld DMBTR (lokale valuta) of WRBTR (documentvaluta)
Voorbeelden
1500.00230.5010500.00
|
|||
|
Gebruikersnaam
UserName
|
De ID van de gebruiker die de activiteit heeft uitgevoerd. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut identificeert de SAP-gebruikers-ID (USNAM) die verantwoordelijk is voor de gebeurtenis. Deze wordt vastgelegd in de transactiekop of het wijzigingslogboek. Het wordt gemapt naar het generieke attribuut 'User' voor analyses van het percentage handmatige handelingen en weergaven van resourcegebruik. Zo kun je onderscheid maken tussen geautomatiseerde systeemgebruikers, zoals batchjobs, en gebruikers die handmatige aanpassingen uitvoeren.
Waarom dit belangrijk is
Maakt resourceanalyse en berekening van het automatiseringspercentage mogelijk.
Waar je het vindt
SAP ECC-tabel BKPF, veld USNAM, of CDHDR, veld USERNAME
Voorbeelden
BSMITHWF-BATCHSAP_WORKER
|
|||
|
Inkoopordernummer
PurchaseOrderNumber
|
De verwijzing naar het inkoopdocument dat aan de factuur is gekoppeld. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut bevat het Purchase Order-nummer (EBELN) als de factuur aan een inkooporder is gekoppeld. Het verbindt het Accounts Payable-proces met het Procurement-proces. Het is belangrijk voor het dashboard 'PO Matching and Discrepancy Audit'. Met dit veld kun je de 'PO-Backed Invoice Ratio' berekenen en de efficiëntie van factuurverwerking met en zonder inkooporder vergelijken.
Waarom dit belangrijk is
Verbindt AP met Procurement en identificeert matching-workflows.
Waar je het vindt
SAP ECC-tabel BSEG, veld EBELN
Voorbeelden
45000123894500099221null
|
|||
|
Leveranciersnummer
VendorNumber
|
Unieke identificatie van de leverancier of crediteur. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut identificeert de externe leverancier bij de factuur (LIFNR). Het is gekoppeld aan de leveranciersstamgegevens, met informatie zoals naam, adres en betalingsvoorwaarden. Leveranciersanalyse is belangrijk voor betere voorwaarden, het bundelen van uitgaven en het oplossen van terugkerende problemen. Dit veld ondersteunt het dashboard 'Vendor Inquiry and Support Volume' door procesinefficiënties aan specifieke leveranciers te koppelen.
Waarom dit belangrijk is
Maakt prestatieanalyse vanuit leveranciersperspectief mogelijk.
Waar je het vindt
SAP ECC-tabel BSEG, veld LIFNR of LFA1
Voorbeelden
0000100234VEND-5592102938
|
|||
|
Basisbetaaldatum
BaselinePaymentDate
|
De datum vanaf wanneer de betalingsvoorwaarden worden berekend. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut (ZFBDT) is het startpunt voor het berekenen van de uiterste vervaldatum en vervaldata voor kortingen. Afhankelijk van de configuratie is dit meestal de ontvangstdatum van de factuur of de documentdatum. Een juiste analyse van het percentage te late betalingen hangt van dit veld af. Als de basisdatum niet klopt, zijn alle daaropvolgende berekeningen van vervaldata en markeringen voor te late betaling onjuist.
Waarom dit belangrijk is
De referentiedatum voor alle ouderdoms- en vervaldatumberekeningen.
Waar je het vindt
SAP ECC-tabel BSEG, veld ZFBDT
Voorbeelden
2023-10-012023-11-15
|
|||
|
Op basis van inkooporder
IsPOBased
|
Indicator die aangeeft of de factuur aan een inkooporder is gekoppeld. | ||
|
Beschrijving
Dit booleaanse attribuut wordt afgeleid door te controleren of het veld Purchase Order Number is ingevuld. Het verdeelt de data in PO-backed-stromen (MM-LIV) en non-PO-stromen (FI-AP). Deze verdeling is belangrijk voor de analyse 'Non PO Processing Efficiency', omdat facturen zonder inkooporder meestal meer handmatige goedkeuringsstappen en langere doorlooptijden hebben.
Waarom dit belangrijk is
Belangrijke segmentatie voor analyse van procesefficiëntie.
Waar je het vindt
Afgeleid: True als EBELN niet null of leeg is
Voorbeelden
truefalse
|
|||
|
Referentienummer
ReferenceNumber
|
Het factuurnummer van de leverancier zoals vermeld op het fysieke document. | ||
|
Beschrijving
Het Reference Number (XBLNR) is de externe identificatie die de leverancier aanlevert. Het wordt handmatig ingevoerd of tijdens het aanmaken van de factuur via OCR vastgelegd. Dit attribuut is de belangrijkste sleutel voor de analyse 'Duplicate Payment Prevention'. Algoritmen controleren op meerdere instanties met hetzelfde Reference Number voor dezelfde leverancier en hetzelfde bedrag, om mogelijke dubbele betalingen te markeren.
Waarom dit belangrijk is
Belangrijk voor het herkennen van duplicaten en het controleren van specifieke leveranciersfacturen.
Waar je het vindt
SAP ECC-tabel BKPF, veld XBLNR
Voorbeelden
INV-2023-00199887766OCT-BILLING
|
|||
|
Te late betaling
IsLatePayment
|
Indicator die aangeeft of de betaling na de vervaldatum is uitgevoerd. | ||
|
Beschrijving
Dit booleaanse attribuut wordt berekend door de Clearing Date te vergelijken met de Net Due Date. Als de Clearing Date later is, wordt de waarde True. Het is de directe basis voor de KPI 'Late Payment Rate'. Met deze vooraf berekende indicator kunnen gebruikers eenvoudig het aantal True-waarden tellen, zonder complexe logica in de visualisatie te schrijven.
Waarom dit belangrijk is
Vereenvoudigt KPI-rapportage over het naleven van planningen.
Waar je het vindt
Berekend: ClearingDate > NetDueDate
Voorbeelden
truefalse
|
|||
|
Uiterste vervaldatum
NetDueDate
|
De berekende datum waarop de factuur uiterlijk moet zijn betaald. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut vertegenwoordigt de uiterste betaaldatum. De datum wordt berekend door het maximale aantal betalingsdagen uit de betalingsvoorwaarden op te tellen bij de basisbetaaldatum. Het vormt de norm voor de 'Late Payment and Penalty Monitor'. Zonder dit berekende veld kun je niet markeren welke facturen hun servicelevels hebben overschreden.
Waarom dit belangrijk is
De gewenste deadline voor het volledige proces.
Waar je het vindt
Berekend: BaselinePaymentDate + PaymentTerms(Days)
Voorbeelden
2023-11-302023-12-15
|
|||
|
Valutacode
CurrencyCode
|
De valutacode voor het factuurbedrag. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut (WAERS) identificeert de valuta waarin de factuur is uitgegeven, bijvoorbeeld USD of EUR. Hiermee kun je processen met meerdere valuta verwerken. In analyses wordt dit gebruikt om uitgaven per valuta te groeperen of om valutaomrekening mogelijk te maken voor geconsolideerde rapportage in het dashboard 'Cash Flow and Payment Visibility'.
Waarom dit belangrijk is
Nodig voor een juiste financiële interpretatie van bedragen.
Waar je het vindt
SAP ECC-tabel BKPF, veld WAERS
Voorbeelden
USDEURGBP
|
|||
Activiteiten voor crediteurenbetalingen
| Activiteit | Beschrijving | ||
|---|---|---|---|
|
Betaling geboekt
|
De uitvoering van de betalingsrun waarbij de bankoverschrijving wordt gestart of de cheque wordt afgedrukt. In het systeem wordt een betalingsdocument aangemaakt. | ||
|
Waarom dit belangrijk is
Het moment waarop de uitgaande kasstroom niet meer kan worden teruggedraaid. Deze timestamp wordt gebruikt om de werkelijke betalingsdoorlooptijd te berekenen en te controleren tegen kortingsdeadlines.
Waar je het vindt
BKPF-tabel voor het betalingsdocument (Document Type 'ZP' of vergelijkbaar).
Vastleggen
Vastgelegd wanneer transactie X is uitgevoerd
Eventtype
explicit
|
|||
|
Betalingsblokkade toegepast
|
Legt vast dat een betalingsblokkadesleutel aan een factuurregel is toegevoegd. Hierdoor wordt de factuur niet meegenomen in het automatische betalingsprogramma. | ||
|
Waarom dit belangrijk is
Een belangrijke oorzaak van te late betalingen en gemiste kortingen. Door de reden voor de blokkade te analyseren, zie je of vertragingen komen door prijsverschillen, ontbrekende goederenontvangsten of handmatige blokkades.
Waar je het vindt
Wijzigingsdocumenten (CDHDR/CDPOS) voor object BELEG, veld BSEG-ZLSPR (Payment Block Key).
Vastleggen
Vergelijk het statusveld voor en na de wijziging
Eventtype
inferred
|
|||
|
Betalingsblokkade verwijderd
|
Legt vast dat een betalingsblokkade is verwijderd, waardoor de factuur in aanmerking komt voor de volgende betalingsrun. In veel SAP-configuraties fungeert dit als indicatie van 'Approval'. | ||
|
Waarom dit belangrijk is
Geeft aan dat problemen die betaling verhinderden zijn opgelost. De tijd tussen Block Applied en Block Removed vormt het knelpunt voor de oplostijd.
Waar je het vindt
Wijzigingsdocumenten (CDHDR/CDPOS) waarbij New Value voor BSEG-ZLSPR leeg is.
Vastleggen
Vergelijk het statusveld voor en na de wijziging
Eventtype
inferred
|
|||
|
Factuur aangemaakt
|
Geeft het moment aan waarop de factuurgegevens technisch in SAP ECC zijn ingevoerd. Deze timestamp markeert het begin van het digitale proces binnen de ERP. | ||
|
Waarom dit belangrijk is
Belangrijk om de interne verwerkingstijd te berekenen ten opzichte van de totale wachttijd van de leverancier. Een lange tijd tussen Receipt en Creation wijst op knelpunten bij de aanlevering.
Waar je het vindt
BKPF-tabel, velden CPUDT (Entry Date) en CPUTM (Entry Time).
Vastleggen
Vastgelegd wanneer transactie X is uitgevoerd
Eventtype
explicit
|
|||
|
Factuur geboekt
|
Geeft aan dat de factuur succesvol in het grootboek en de subgrootboeken is geboekt. Door deze actie ontstaat de verplichting in het systeem. | ||
|
Waarom dit belangrijk is
De factuur wordt nu officieel als schuld erkend. Dit vormt het startpunt voor standaard ouderdomsanalyses en berekeningen van de vervaldatum.
Waar je het vindt
Aanmaken in de BKPF-tabel waarbij BSTAT leeg is (standaard geboekt).
Vastleggen
Vastgelegd wanneer transactie X is uitgevoerd
Eventtype
explicit
|
|||
|
Factuur vereffend
|
De boeking waarbij de factuurregel aan het betalingsdocument wordt gekoppeld en de openstaande post op nul wordt gezet. Hiermee eindigt de levenscyclus van de factuur. | ||
|
Waarom dit belangrijk is
Markering voor de voltooiing van het proces. Essentieel om de 'End to End Cycle Time' te berekenen en te bevestigen dat de schuld is afgelost.
Waar je het vindt
In de BSEG-tabel is veld AUGDT (Clearing Date) gevuld.
Vastleggen
Vastgelegd wanneer transactie X is uitgevoerd
Eventtype
explicit
|
|||
|
Factuurontvangst vastgelegd
|
Legt de datum op de factuur van de leverancier vast als referentiedatum. Deze datum komt uit het veld Document Date in de kop van het boekingsdocument. | ||
|
Waarom dit belangrijk is
Vormt de basis voor ouderdomsanalyses en compliance met betalingstermijnen van leveranciers. Verschillen tussen deze datum en de invoerdatum laten vertragingen bij de postkamer of het scannen zien.
Waar je het vindt
BKPF-tabel, veld BLDAT (Document Date).
Vastleggen
Vastgelegd wanneer transactie X is uitgevoerd
Eventtype
explicit
|
|||
|
Betalingstermijn gewijzigd
|
Een specifieke herstelactie waarbij de betalingsvoorwaarden handmatig worden aangepast. Hierdoor veranderen de vervaldatum en de parameters voor betalingskortingen. | ||
|
Waarom dit belangrijk is
Dit gebeurt vaak om betalingstermijnen kunstmatig te verlengen of fouten in stamgegevens te corrigeren. Het heeft direct effect op kasstroomprognoses en KPI's voor het benutten van kortingen.
Waar je het vindt
Wijzigingsdocumenten (CDHDR/CDPOS) voor veld BSEG-ZTERM.
Vastleggen
Vastgelegd wanneer transactie X is uitgevoerd
Eventtype
explicit
|
|||
|
Betalingsvoorstel aangemaakt
|
Geeft aan dat de factuur door het Automatic Payment Program (F110) is geselecteerd voor een mogelijke betaling. De factuur staat nu op een voorlopige betalingslijst. | ||
|
Waarom dit belangrijk is
Markeert de overgang van 'Payable' naar 'Being Paid'. Dit overzicht helpt treasury om de kasbehoefte te beheren voordat het geld daadwerkelijk van de rekening gaat.
Waar je het vindt
Aanmaakdatum in de REGUH-tabel (Settlement Data from Payment Program).
Vastleggen
Vastgelegd wanneer transactie X is uitgevoerd
Eventtype
explicit
|
|||
|
Factuur geparkeerd
|
Geeft aan dat een factuur als concept is opgeslagen zonder financiële boekingen aan te maken. Deze status maakt het mogelijk om de gegevensinvoer te onderbreken of de factuur te controleren vóór de definitieve boeking. | ||
|
Waarom dit belangrijk is
Laat facturen zien die in een voorbereidende status blijven staan en daardoor de betaling vertragen. Een groot volume wijst op inefficiënte gegevensinvoer of onduidelijke goedkeuringsvereisten.
Waar je het vindt
VBKPF-tabel of BKPF waarbij BSTAT gelijk is aan 'V'.
Vastleggen
Vergelijk het statusveld voor en na de wijziging
Eventtype
inferred
|
|||
|
Factuurgegevens gewijzigd
|
Legt handmatige wijzigingen vast in kop- of regelgegevens van een factuur na de eerste boeking. Veelvoorkomende wijzigingen zijn referentienummers, tekstvelden of belastingcodes. | ||
|
Waarom dit belangrijk is
Wijst op herstelwerk en handmatige tussenkomst in het proces. Veel wijzigingen wijzen op problemen met de datakwaliteit bij de bron of onvoldoende validatie tijdens de eerste invoer.
Waar je het vindt
Wijzigingsdocumenten (CDHDR/CDPOS) voor object BELEG, met uitzondering van wijzigingen aan de blokkadesleutel.
Vastleggen
Vastgelegd wanneer transactie X is uitgevoerd
Eventtype
explicit
|
|||
|
Vervaldatum van betalingskorting verstreken
|
Een berekende gebeurtenis die aangeeft dat de huidige datum de geldigheidsperiode voor Cash Discount 1 of 2 heeft overschreden. Dit wijst op een gemiste besparingsmogelijkheid. | ||
|
Waarom dit belangrijk is
Ondersteunt rechtstreeks het dashboard 'Discount Capture Performance'. Helpt het financiële verlies door procesvertragingen te kwantificeren.
Waar je het vindt
Berekend door BSEG-ZBD1T (dagen) op te tellen bij BKPF-BLDAT (documentdatum) en dit te vergelijken met de huidige datum of betaaldatum.
Vastleggen
Afgeleid door veld X met Y te vergelijken
Eventtype
calculated
|
|||
|
Vervaldatum verstreken
|
Een berekende gebeurtenis die aangeeft dat de factuur na de uiterste vervaldatum nog openstaat. Hiermee wordt de factuur als achterstallig gemarkeerd. | ||
|
Waarom dit belangrijk is
Ondersteunt de analyse van 'Late Payment'. Door dit te monitoren voorkom je problemen met leveranciers en mogelijke kosten voor te late betaling.
Waar je het vindt
Berekend door BSEG-ZBD3T (nettodagen) op te tellen bij de basisdatum en dit te vergelijken met de huidige datum.
Vastleggen
Afgeleid door veld X met Y te vergelijken
Eventtype
calculated
|
|||
Extractiegidsen
Klaar om aan de slag te gaan?
Download nu de volledige template en zet je crediteurendata om in concrete vervolgstappen. Ons team helpt je tijdens elke stap van je process mining-traject.
Optimaliseer nu je crediteurenbetalingsproces
Verkort de betalingscyclus met 30% en pak knelpunten in SAP ECC aan.
Je hebt geen creditcard nodig. De installatie duurt enkele minuten.