Datasjabloon: crediteurenfactuurverwerking
Je datasjabloon voor de verwerking van leveranciersfacturen (AP)
- Aanbevolen attributen om te verzamelen
- Belangrijkste activiteiten om te monitoren
- Extractiehandleiding
Attributen voor de inkoopfactuurverwerking
| Naam | Beschrijving | ||
|---|---|---|---|
|
Activiteit
Activity
|
De naam van een specifieke processtap of gebeurtenis binnen de factuurverwerkingscyclus. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut beschrijft een afzonderlijke taak of statuswijziging in het crediteurenproces, zoals 'Invoice Parked', 'Invoice Routed For Approval' of 'Invoice Cleared By Payment'. Deze activiteiten vormen de bouwstenen van de proceskaart en worden doorgaans gehaald uit wijzigingslogs, statusvelden of workflowlogs in SAP. Het analyseren van de volgorde en duur van deze activiteiten is de kern van process mining. Zo visualiseer je de procesflow, herken je flessenhalzen tussen stappen, meet je hoe vaak herwerklussen voorkomen en vergelijk je de feitelijke uitvoering met de standaardwerkwijze. De gekozen detaillering van activiteiten bepaalt direct de diepgang van de inzichten.
Waarom het belangrijk is
Activiteiten vormen de ruggengraat van de proceskaart. Zo visualiseer je de processtroom, herken je knelpunten en analyseer je afwijkingen.
Waar te verkrijgen
Afgeleid uit transactiecodes (BKPF-TCODE), workflowlogs (SWW_WI2OBJ) of changelogs (tabellen CDHDR/CDPOS) op basis van wijzigingen aan factuurdocumenten.
Voorbeelden
Factuurdocument aangemaaktFactuur GoedgekeurdFactuur afgeletterd door betalingBetalingsblokkade Ingesteld
|
|||
|
Factuur
InvoiceNumber
|
De unieke identificatiecode voor elk factuurdocument, gebruikt als primaire case‑ID om de route van ontvangst tot betaling te volgen. | ||
|
Beschrijving
Het factuurnummer is een samengestelde sleutel, doorgaans gevormd door Company Code (BUKRS), documentnummer (BELNR) en boekjaar (GJAHR) in SAP te combineren. Deze unieke combinatie zorgt ervoor dat elke factuur in het hele systeem eenduidig kan worden geïdentificeerd. Binnen process mining is dit attribuut fundamenteel. Het koppelt alle gerelateerde gebeurtenissen en activiteiten, zoals aanmaken, boeken, goedkeuren en betalen, tot één samenhangende procesinstantie. Analyseren op factuur geeft een volledig end-to-end beeld van de levenscyclus van de factuur, essentieel voor het berekenen van doorlooptijden, het herkennen van varianten en het begrijpen van herwerk-lussen.
Waarom het belangrijk is
Dit is de essentiële Case ID die alle factuurgerelateerde activiteiten verbindt, zodat het crediteurenproces per factuur end‑to‑end kan worden geanalyseerd.
Waar te verkrijgen
Samengesteld uit SAP-tabellen BKPF (Accounting Document Header) met velden BUKRS, BELNR en GJAHR.
Voorbeelden
1000-1900000001-20232000-5100000055-20231000-1900000042-2024
|
|||
|
Tijdstip Gebeurtenis
EventTime
|
De exacte datum en tijd waarop een specifieke activiteit of gebeurtenis plaatsvond. | ||
|
Beschrijving
Event Time is de timestamp die bij elke activiteit in het proces hoort. Deze gegevens zijn cruciaal voor de chronologische ordening van events en voor alle tijdgebaseerde analyses. In SAP staat deze informatie vaak in aanmaakvelden (bijv. BKPF-CPUDT) of in wijzigingslogtabellen (CDHDR-UDATE en CDHDR-UTIME). Dit attribuut is essentieel voor het berekenen van KPI’s zoals doorlooptijden, verwerkingstijden en wachttijden tussen activiteiten. Het maakt analyse van procesprestaties in de tijd mogelijk, helpt vast te stellen wanneer knelpunten ontstaan en wordt gebruikt om te toetsen aan service level agreements (SLA’s) of betalingsvoorwaarden.
Waarom het belangrijk is
Deze timestamp is cruciaal voor alle op duur gebaseerde metrieken, waaronder doorlooptijden en knelpunten, en vormt de basis voor prestatieanalyses.
Waar te verkrijgen
Uit SAP-tabellen zoals BKPF (CPUDT/CPUTM voor aanmaak) of CDHDR (UDATE/UTIME voor wijzigingen).
Voorbeelden
2023-10-01T10:00:00Z2023-10-02T14:35:10Z2023-10-15T09:12:00Z
|
|||
|
Bedrijfscode
CompanyCode
|
Een unieke sleutel die een rechtspersoon of bedrijf binnen de SAP-organisatie vertegenwoordigt. | ||
|
Beschrijving
De Company Code is een fundamentele organisatorische eenheid in SAP Financials en staat voor een zelfstandige boekhoudkundige entiteit. Alle financiële transacties, inclusief facturen, worden in een specifieke Company Code geboekt. Dit attribuut is essentieel om de procesanalyse per juridische entiteit te segmenteren. Het maakt het mogelijk om procesprestaties, nalevingspercentages en efficiëntie tussen verschillende delen van de organisatie te vergelijken. Dit is vooral belangrijk voor grote, multinationale ondernemingen met meerdere dochterbedrijven.
Waarom het belangrijk is
Maakt het mogelijk om procesanalyse te segmenteren per rechtspersoon, zodat je prestaties tussen verschillende bedrijfsonderdelen kunt vergelijken.
Waar te verkrijgen
Uit SAP-tabel BKPF (Accounting Document Header) veld BUKRS.
Voorbeelden
10002100US01
|
|||
|
Behandelaar
ProcessorUser
|
De SAP-gebruikersnaam van de medewerker die de activiteit heeft uitgevoerd, zoals het boeken of wijzigen van de factuur. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut identificeert de individuele gebruiker die verantwoordelijk is voor het uitvoeren van een specifieke processtap. In SAP kan dit de gebruiker zijn die het document heeft aangemaakt (bijv. BKPF‑USNAM) of de gebruiker die een specifieke wijziging heeft doorgevoerd (bijv. CDHDR‑USERNAME). Analyse op Processor User is essentieel om teamprestaties en werkverdeling te begrijpen. Het ondersteunt het dashboard 'Werkverdeling AP‑verwerkers' door het aantal facturen en de gemiddelde activiteitstijden per gebruiker te volgen. Dit onthult trainingsbehoeften, maakt toppresteerders zichtbaar en ondersteunt een eerlijke taakverdeling.
Waarom het belangrijk is
Ondersteunt werkdrukanalyse, het vergelijken van prestaties tussen gebruikers en het signaleren van opleidingskansen of een oneven capaciteitsverdeling.
Waar te verkrijgen
Uit SAP-tabel CDHDR veld USERNAME (bij wijzigingen) of BKPF-veld USNAM (bij documentinvoer).
Voorbeelden
AJONESSMITHBCWILLIAMS
|
|||
|
Betalingstermijnen
PaymentTerms
|
De code die de betalingsvoorwaarden vastlegt, zoals vervaldata en eventuele kortingen. | ||
|
Beschrijving
Betalingscondities zijn vooraf ingestelde regels in SAP die bepalen hoe vervaldata en betalingskortingen worden berekend. Ze zijn gekoppeld aan leveranciersstamgegevens en kunnen per factuur worden vastgelegd. Dit attribuut is essentieel voor het dashboard ‘Payment Compliance & Discounts’ en de ‘Early Payment Discount Capture Rate’-KPI. Door betalingscondities te analyseren, kan een organisatie kortingskansen benutten, de financiële impact van betaalschema’s begrijpen en compliance borgen.
Waarom het belangrijk is
Bepaalt de regels voor vervaldata en betalingskortingen; cruciaal voor financiële optimalisatie en het bewaken van compliance.
Waar te verkrijgen
Uit SAP-tabel BSEG (Accounting Document Segment) veld ZTERM.
Voorbeelden
Z0010001NT30
|
|||
|
Brutobedrag factuur
InvoiceGrossAmount
|
De totale brutowaarde van de factuur, inclusief belastingen en andere kosten, in de oorspronkelijke documentvaluta. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut geeft de totale financiële waarde van een factuur weer. Het is essentiële informatie om de financiële impact en kenmerken van verwerkte facturen te begrijpen. In SAP is dit bedrag terug te vinden in diverse tabellen, afhankelijk van het documenttype, zoals BSEG voor financiële documenten. In analyses wordt het factuurbedrag gebruikt om facturen met hoge bedragen te prioriteren, de financiële doorstroom van het AP‑proces te begrijpen en analyses te segmenteren. Zo kun je bijvoorbeeld zien of hoge bedragen langere doorlooptijden kennen of een ander goedkeuringspad volgen. Het is bovendien de basis voor financiële KPI’s.
Waarom het belangrijk is
Biedt financiële context voor waardegedreven analyses, prioritering van facturen met hoge waarde en het berekenen van financiële KPI’s.
Waar te verkrijgen
Uit SAP-postregeltabellen zoals BSEG-veld WRBTR (bedrag in documentvaluta). Mogelijk is een berekening nodig om regels te aggregeren naar kopniveau.
Voorbeelden
1500.0012550.75980.50
|
|||
|
Goedkeurder
Approver
|
De gebruiker of rol die verantwoordelijk is voor het goedkeuren van de factuur voor betaling. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut identificeert de persoon die de activiteit 'Invoice Approved' heeft uitgevoerd. In SAP wordt dit vaak via het workflowsysteem beheerd en wordt de ID van de goedkeurder vastgelegd in de workflowhistorie. Analyse per goedkeurder staat centraal in het dashboard 'Analyse flessenhalzen factuurgoedkeuring'. Zo meet je doorlooptijden per persoon of groep, herken je consequent trage goedkeurders en begrijp je de werkverdeling binnen de goedkeuringsketen. Deze gegevens zijn cruciaal om de goedkeuringsworkflow te optimaliseren, vaak een grote bottleneck.
Waarom het belangrijk is
Identificeert wie verantwoordelijk is voor goedkeuringen, zodat doorlooptijden en knelpunten per persoon of team kunnen worden geanalyseerd.
Waar te verkrijgen
Meestal te vinden in SAP Business Workflow-tabellen (bijv. SWW_WI2OBJ, SWWLOG) door het workflowitem te koppelen aan het factuurobject en de gebruiker van de goedkeuringsstap te identificeren.
Voorbeelden
DMARTINLCHENFINMAN_ROLE
|
|||
|
Inkoopordernummer
PurchaseOrderNumber
|
De identificatie van de inkooporder waartegen de factuur wordt geboekt. | ||
|
Beschrijving
Het Purchase Order (PO)-nummer koppelt de factuur aan het inkoopproces. Bij facturen met een PO is deze koppeling cruciaal voor de drieweg‑matching tussen PO, goederenontvangst (GR) en factuur. Dit attribuut is essentieel voor het dashboard 'PO/GR‑matchingprestaties'. Door te analyseren of er een PO aanwezig is en of die correct is gematcht, maak je onderscheid tussen factuurtypen (met PO versus zonder PO) en meet je de efficiëntie van het matchingproces. Vertragingen hier zijn een veelvoorkomende oorzaak van flessenhalzen.
Waarom het belangrijk is
Verbindt de factuur met het inkoopproces, zodat u PO‑ en non‑PO‑facturen kunt vergelijken en de efficiëntie van de three‑way match kunt analyseren.
Waar te verkrijgen
Uit SAP-tabel BSEG (voor FI-facturen) of RSEG (voor MM-facturen) veld EBELN.
Voorbeelden
450001712345000175894500018330
|
|||
|
Naam Leverancier
VendorName
|
De naam van de leverancier die de factuur heeft ingediend. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut bevat de officiële naam van de leverancier. In SAP worden de leveranciersstamgegevens (tabel LFA1) aan het factuurdocument gekoppeld via het leveranciersnummer (LIFNR) dat in de documentkop of in de regels is opgeslagen. Analyseren per leverancier is essentieel voor het dashboard 'Betaalprestaties per leverancier'. Zo kun je doorlooptijden van factuurverwerking, de tijdigheid van betalen en het aantal uitzonderingen per leverancier volgen. Deze inzichten helpen bij leveranciersmanagement, het herkennen van leveranciers met consistent lage factuurkwaliteit en het onderhandelen over betere voorwaarden.
Waarom het belangrijk is
Maakt leveranciersspecifieke prestatieanalyse mogelijk, helpt bij het beheren van leveranciersrelaties en brengt problemen in kaart die aan specifieke leveranciers zijn gekoppeld.
Waar te verkrijgen
Uit SAP-tabel LFA1 veld NAME1, gekoppeld via het leveranciersnummer (LIFNR) dat in BKPF of BSEG staat.
Voorbeelden
Global Office Supplies Inc.Tech Solutions LLCReliable Logistics Corp.
|
|||
|
Reden betalingsblokkade
PaymentBlockReason
|
Een code die aangeeft waarom een factuur is geblokkeerd voor betaling. | ||
|
Beschrijving
Als een factuur afwijkt of nog in beoordeling is, kun je een betalingsblokkade toepassen zodat deze niet in een betalingsrun wordt meegenomen. Dit attribuut geeft de reden van de blokkade, zoals een hoeveelheidsverschil of een prijsafwijking. Deze informatie is cruciaal voor de analyse van uitzonderingen. Ze helpt de grondoorzaken van betaalvertragingen en herstelwerk te categoriseren en voedt het dashboard 'Exception and Discrepancy Analysis'. Door de meest voorkomende blokkaderedenen te begrijpen, kun je gericht het proces verbeteren en het aantal uitzonderingen terugdringen.
Waarom het belangrijk is
Geeft de grondoorzaak van betalingsvertragingen, zodat u gericht kunt analyseren en uitzonderingen, herwerk en de doorlooptijd van factuurverwerking kunt verminderen.
Waar te verkrijgen
Uit SAP-tabel BSEG (Accounting Document Segment) veld ZLSPR.
Voorbeelden
RIA
|
|||
|
Vervaldatum factuur
InvoiceDueDate
|
De berekende vervaldatum waarop de factuur volgens de betalingsvoorwaarden betaald moet worden. | ||
|
Beschrijving
De vervaldatum van de factuur geeft de deadline aan waarop de leverancier betaald moet zijn om aan de afgesproken voorwaarden te voldoen. In SAP is dit vaak geen apart opgeslagen veld, maar wordt het berekend op basis van de basisdatum van het document (BSEG-ZFBDT) en de aan de factuur gekoppelde betalingsvoorwaarden (BSEG-ZTERM). Deze datum is cruciaal voor het dashboard 'Payment Compliance & Discounts'. Het wordt gebruikt om KPI’s zoals het percentage te laat betaalde facturen te berekenen en om facturen te signaleren die risico lopen op te late betaling. Analyseren op basis van deze datum helpt het werk te prioriteren en verbetert de relaties met leveranciers.
Waarom het belangrijk is
Dit is een cruciale datum om de betalingsnaleving te monitoren, KPI’s voor achterstallige betalingen te berekenen en vroegbetalingskortingen te benutten.
Waar te verkrijgen
Afgeleid op basis van de Baseline Date for Due Date Calculation (BSEG-ZFBDT) en de Terms of Payment Key (BSEG-ZTERM).
Voorbeelden
2023-10-312023-11-152024-01-10
|
|||
|
Bronsysteem
SourceSystem
|
Identificeert het bron‑SAP ECC‑systeem waaruit de gegevens zijn geëxtraheerd. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut geeft het bronsysteem aan, zoals de SAP System ID (SID) waar de factuurverwerkingsgegevens vandaan komen. Dit is vooral belangrijk bij organisaties met meerdere ERP‑omgevingen of een mix van systemen. In een process‑mininganalyse helpt dit gegevens uit verschillende systemen te onderscheiden, die eigen configuraties of procesvarianten kunnen hebben. Zo wordt vergelijkende analyse mogelijk en blijft de herkomst van gegevens helder, wat essentieel is voor datagovernance en validatie.
Waarom het belangrijk is
Borgt datatraceerbaarheid en maakt procesanalyse mogelijk in omgevingen met meerdere SAP-instanties of andere bronsystemen.
Waar te verkrijgen
Meestal een statische waarde die de SAP System ID (SID) van de bron-ECC-instantie weergeeft, toegevoegd tijdens de data-extractie.
Voorbeelden
ECC_PROD_EUSAP_US_01E5P
|
|||
|
Documenttype
DocumentType
|
Een SAP-code die boekingsdocumenten classificeert en bepaalt hoe ze worden verwerkt. | ||
|
Beschrijving
Het documenttype onderscheidt verschillende zakelijke transacties, zoals leveranciersfacturen (KR), creditnota’s (KG) of MM-facturen (RE). Deze classificatie bepaalt onder meer de nummerreeks en op welke soorten rekeningen kan worden geboekt. Binnen process mining maakt filteren op documenttype een meer homogene analyse mogelijk. Zo kan het proces voor een standaard leveranciersfactuur (KR) aanzienlijk verschillen van dat voor een creditnota (KG). Door deze apart te analyseren voorkom je misleidende aggregaties en krijg je nauwkeurigere inzichten in specifieke subprocessen.
Waarom het belangrijk is
Maakt segmentatie van de analyse per transactietype mogelijk (bijv. factuur vs. creditnota), wat leidt tot nauwkeurigere en relevantere procesinzichten.
Waar te verkrijgen
Uit SAP-tabel BKPF (Accounting Document Header) veld BLART.
Voorbeelden
KRREKG
|
|||
|
Documentvaluta
DocumentCurrency
|
De valutacode (bijv. USD, EUR) waarin de factuur is opgesteld. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut geeft de valuta van het factuurbedrag aan. Dit staat in SAP op documentkopniveau. De documentvaluta is essentieel voor elke financiële analyse om bedragen correct te duiden. Zo kun je op valuta filteren en bedragen omrekenen naar een gemeenschappelijke lokale valuta voor gestandaardiseerde rapportage en aggregatie.
Waarom het belangrijk is
Biedt de nodige context om financiële bedragen te interpreteren en maakt valutaspecifieke analyses of conversie naar een standaardvaluta mogelijk.
Waar te verkrijgen
Uit SAP-tabel BKPF (Accounting Document Header) veld WAERS.
Voorbeelden
USDEURGBP
|
|||
|
Factuurverwerkingstijd
InvoiceProcessingTime
|
De totale doorlooptijd vanaf de eerste activiteit (bijv. het aanmaken van de factuur) tot en met de laatste activiteit (bijv. betaling). | ||
|
Beschrijving
Dit is een berekende metriek die de end-to-end doorlooptijd per individuele factuur meet. Deze wordt berekend door de timestamp van het laatste event te nemen en daar de timestamp van het eerste event voor een gegeven case (Invoice Number) van af te trekken. Dit attribuut is de primaire KPI voor het dashboard 'End-to-End Invoice Cycle Time'. Het geeft een overkoepelende maat voor de algemene procesefficiëntie. Analyse van het gemiddelde, de mediaan en de verdeling helpt trends te herkennen, de impact van verbeteringen te meten en prestatiedoelen te bepalen.
Waarom het belangrijk is
Dit is een primaire KPI die de algehele procesefficiëntie meet. Door deze te volgen zie je het effect van verbeterinitiatieven op de end-to-end-levenscyclus.
Waar te verkrijgen
Berekend veld: (Tijdstempel van het laatste event voor de case) - (Tijdstempel van het eerste event voor de case).
Voorbeelden
10 dagen 2 uur 15 minuten5 dagen 0 uur 0 minuten22 dagen 8 uur 30 minuten
|
|||
|
Goederenontvangstnummer
GoodsReceiptNumber
|
De identificatie van het goederenontvangstdocument dat hoort bij een op een PO gebaseerde factuur. | ||
|
Beschrijving
Voor facturen die betrekking hebben op fysieke goederen bevestigt het Goods Receipt (GR)-document de levering door de leverancier. Dit nummer koppelt de factuur aan het specifieke leveringsmoment. Dit attribuut wordt gebruikt in het 'PO/GR Matching Performance'-dashboard. De tijd tussen de GR-boeking en de factuurboeking is een belangrijke maatstaf. Deze koppeling analyseren geeft inzicht in de volledige three-way match en helpt vertragingen op te sporen tussen de fysieke levering en de financiële afwikkeling.
Waarom het belangrijk is
Maakt de 3-way match (PO–GR–factuur) compleet en maakt het mogelijk om vertragingen tussen goederenontvangst en factuurverwerking te analyseren.
Waar te verkrijgen
Uit SAP-tabel RSEG (Documentitem, inkomende factuur) veld LFBNR (Documentnummer van een referentiedocument).
Voorbeelden
500000123450000015675000002100
|
|||
|
Is Geautomatiseerd
IsAutomated
|
Een indicator die aangeeft of een activiteit is uitgevoerd door een systeem- of batchgebruiker in plaats van door een medewerker. | ||
|
Beschrijving
Dit booleaanse attribuut maakt onderscheid tussen activiteiten die automatisch worden uitgevoerd (bijv. door een batchjob, EDI of een OCR-systeem) en activiteiten die handmatig door een gebruiker worden uitgevoerd. Dit wordt meestal bepaald door de aan de activiteit gekoppelde gebruikersnaam te analyseren. Dit is essentieel voor het dashboard 'Handmatig vs. geautomatiseerd verwerken'. Het helpt het succes van automatiseringsinitiatieven te meten, de KPI 'Mate van handmatige interventie' te berekenen en resterende kansen te vinden om handmatig werk te verminderen. Inzicht in de contactmomenten tussen mens en systeem is cruciaal om de efficiëntie te verhogen.
Waarom het belangrijk is
Helpt het automatiseringsniveau in het proces te meten, handmatige knelpunten te identificeren en de impact van automatiseringsinitiatieven te volgen.
Waar te verkrijgen
Afgeleid door te controleren of de user ID (bijv. CDHDR-USERNAME) behoort tot een vooraf gedefinieerde lijst met system-, batch- of serviceaccounts.
Voorbeelden
truefalse
|
|||
|
Is gestorneerd
IsReversed
|
Een booleaanse indicator die aangeeft of het factuurdocument is gestorneerd. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut markeert facturen die zijn geannuleerd of teruggedraaid; dat wijst op een ernstige fout of procesfout. In SAP is een teruggedraaid document gekoppeld aan een storneringsdocument. Teruggedraaide facturen identificeren is belangrijk om de proceskwaliteit en foutpercentages te begrijpen. Zo kun je deze definitieve uitzonderingen loskoppelen van de hoofdflow en gericht root cause‑analyse doen om te begrijpen waarom ze plaatsvinden en hoe ze te voorkomen.
Waarom het belangrijk is
Markeert geannuleerde facturen—een belangrijke indicator van procesfalen—en helpt bij het analyseren van de grondoorzaken van grote fouten.
Waar te verkrijgen
Controleer of het documentnummer (BKPF-BELNR) voorkomt in het veld BKPF-STBLG (stornodocument) van een ander document.
Voorbeelden
truefalse
|
|||
|
Is te laat
IsOverdue
|
Een berekende indicator die waar is als de factuur na de vervaldatum is betaald. | ||
|
Beschrijving
Dit booleaanse attribuut wordt afgeleid door de datum van de activiteit 'Invoice Cleared By Payment' te vergelijken met de 'Invoice Due Date'. Als de betaaldatum na de vervaldatum ligt, wordt de vlag op 'true' gezet. Dit attribuut ondersteunt direct de KPI 'Overdue Payment Rate' en het dashboard 'Payment Compliance & Discounts'. Het maakt het eenvoudig om te filteren op te late betalingen en ze te tellen, zodat de omvang van het probleem zichtbaar wordt. Analyse van de kenmerken van achterstallige facturen (bijv. per leverancier, company code) kan onderliggende oorzaken blootleggen.
Waarom het belangrijk is
Meet rechtstreeks de naleving van betalingstermijnen en vormt de basis voor de KPI Overdue Payment Rate, wat helpt om leveranciersrelaties te verbeteren en boetes te voorkomen.
Waar te verkrijgen
Berekend veld: TRUE als (betalingsdatum > vervaldatum van de factuur), anders FALSE.
Voorbeelden
truefalse
|
|||
|
Korting gemist
DiscountLost
|
Een berekende indicator die waar is als een beschikbare korting voor vroegtijdige betaling niet is benut. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut identificeert facturen waarbij de betalingscondities een korting boden voor vroeg betalen, maar de betaling ná het verstrijken van de kortingsperiode is gedaan. Dit wordt berekend door de betaaldatum te vergelijken met de vervaldatum van de korting op basis van de 'Payment Terms'. Dit is een kritieke financiële KPI voor de 'Early Payment Discount Capture Rate'. Het maakt gemiste besparingskansen zichtbaar. Inzicht in de oorzaken van het mislopen van korting (bijv. lange goedkeuringscycli, betaalblokkeringen) kan procesverbeteringen met een duidelijke businesscase onderbouwen.
Waarom het belangrijk is
Brengt gemiste financiële kansen in beeld, ondersteunt rechtstreeks de KPI ‘Benuttingsgraad vroegbetalingskorting’ en biedt een duidelijke financiële prikkel voor procesverbetering.
Waar te verkrijgen
Berekend veld: TRUE als (betalingscondities een korting bieden) EN (betalingsdatum > vervaldatum voor korting), anders FALSE.
Voorbeelden
truefalse
|
|||
|
Laatste gegevensupdate
LastDataUpdate
|
De tijdstempel die aangeeft wanneer de gegevens voor dit record voor het laatst zijn ververst vanuit het bronsysteem. | ||
|
Beschrijving
Dit attribuut registreert de datum en tijd van de meest recente gegevens‑extractie of update vanuit SAP ECC. Het maakt geen deel uit van de transactiedata zelf, maar is metadata die wordt toegevoegd tijdens het inladen. De voornaamste rol in analyses is context geven over hoe actueel de getoonde gegevens zijn. Dit is cruciaal voor dashboards en rapporten, zodat gebruikers weten hoe up‑to‑date hun analyse is en verwachtingen rond heel recente transacties kunnen managen.
Waarom het belangrijk is
Geeft aan hoe actueel de dataset is; essentieel voor het beoordelen van de actualiteit van de procesinzichten en dashboards.
Waar te verkrijgen
Dit is metadata die wordt gegenereerd en toegevoegd tijdens het ETL-proces (extract, transform, load).
Voorbeelden
2024-05-21T02:00:00Z2024-05-22T02:00:00Z2024-05-23T02:00:00Z
|
|||
Activiteiten in de inkoopfactuurverwerking
| Activiteit | Beschrijving | ||
|---|---|---|---|
|
Betalingsvoorstel aangemaakt
|
De factuur is opgenomen in een betalingsvoorstel als onderdeel van een betaalrun (T-Code F110). Hoewel dit nog geen definitieve betaling is, geeft het wel de intentie tot betalen aan. De selectie gebeurt op basis van vervaldatum en betalingsvoorwaarden. | ||
|
Waarom het belangrijk is
Dit is de eerste stap in het geautomatiseerde betaalproces. Vertraging tussen het voorstel en de uiteindelijke betaling kan wijzen op problemen met de goedkeuring of planning van de payment run.
Waar te verkrijgen
Dit event wordt herkend door het factuurdocument te vinden in tabellen voor betaalvoorstellen, zoals REGUP (Verwerkte posten uit het betalingsprogramma). De uitvoerdatum (REGUP-LAUFD) kan worden gebruikt als het tijdstip van het event.
Vastleggen
Zoek de factuur in tabel REGUP en gebruik de datum van de betalingsrun (LAUFD).
Gebeurtenistype
explicit
|
|||
|
Factuur afgeletterd door betaling
|
De factuur is volledig betaald en de openstaande post is afgeletterd met een betalingsdocument. Dit markeert de succesvolle afronding van het crediteurenproces voor deze factuur. Dit wordt vastgelegd via het afletteringsdocument. | ||
|
Waarom het belangrijk is
Dit is het primaire eindevent van het succespad. De tijd om deze activiteit te bereiken is een belangrijke maatstaf voor de algehele procesefficiëntie. Het is bovendien essentieel voor het berekenen van de tijdigheid van betalingen en het benutten van kortingen.
Waar te verkrijgen
Dit event wordt gedetecteerd wanneer het Clearing Document Number (BSEG-AUGBL) en de Clearing Date (BSEG-AUGDT) zijn gevuld voor de leverancierspost. De clearingdatum is de timestamp van het event.
Vastleggen
Gebruik de afletterdatum (BSEG.AUGDT) wanneer het afletterdocument (BSEG.AUGBL) is gevuld.
Gebeurtenistype
explicit
|
|||
|
Factuur geboekt
|
De factuur is formeel in het grootboek geboekt en creëert een financiële verplichting. Een geparkeerd document wordt omgezet naar een geboekt document, of het wordt direct als geboekt aangemaakt. Dit is een basisstap in de financiële administratie. | ||
|
Waarom het belangrijk is
Boeken is een cruciaal ijkpunt dat van de factuur een officiële verplichting maakt. Het markeert de overgang van de gegevensinvoerfase naar de actieve fase van betalingsafhandeling.
Waar te verkrijgen
Afgeleid uit de documentkop (tabel BKPF). Een geboekt document heeft een lege documentstatus (BKPF-BSTAT) en een geldige boekingsdatum (BKPF-BUDAT). De tijdstempel van het event is de boekingsdatum.
Vastleggen
Gebruik BKPF.BUDAT voor documenten waarvoor BKPF.BSTAT niet 'V' (geparkeerd) is, of waarbij 'V' later is gewijzigd.
Gebeurtenistype
explicit
|
|||
|
Factuur gestorneerd
|
Het geboekte factuurdocument is geannuleerd door een terugboekingsdocument aan te maken. Deze actie heft de financiële impact van de oorspronkelijke factuur op. Dit is een alternatief, vaak ongunstig einde van het proces. | ||
|
Waarom het belangrijk is
Terugboekingen duiden op fouten, zoals onjuiste gegevensinvoer of dubbele facturen. Het bijhouden van de frequentie en redenen van terugboekingen helpt kansen te ontdekken om de datakwaliteit en de first time right-verwerking te verbeteren.
Waar te verkrijgen
Dit event wordt geïdentificeerd via de documentkop-tabel (BKPF). Het originele document bevat het nummer van het storneringsdocument (BKPF-STBLG). Het tijdstip van het event is de boekingsdatum van het storneringsdocument.
Vastleggen
Zoek het storneringsdocument in BKPF.STBLG; neem de timestamp van de boekingsdatum van het storneringsdocument.
Gebeurtenistype
explicit
|
|||
|
Factuur Goedgekeurd
|
Een aangewezen goedkeurder heeft bevestigd dat de factuur geldig is en klaarstaat voor betaling. Dit kan een expliciet event uit een workflowsysteem zijn, of worden afgeleid uit het verwijderen van een betalingsblokkade. Het is een cruciale mijlpaal vóór betaling. | ||
|
Waarom het belangrijk is
Dit is een belangrijke mijlpaal die de factuur vrijgeeft voor betaling. Vertragingen vóór of na deze stap wijzen op verschillende soorten problemen, zoals beperkte beschikbaarheid van approvers of problemen met de planning van de payment run.
Waar te verkrijgen
In een workflowsysteem is dit een expliciet event. Anders wordt het meestal afgeleid uit het verwijderen van een betalingsblokkade, vastgelegd in de wijzigingslogs (CDHDR/CDPOS) voor het veld BSEG-ZLSPR.
Vastleggen
Event uit het workflowsysteem of de wijzigingslogboek voor het verwijderen van de betalingsblokkade.
Gebeurtenistype
explicit
|
|||
|
Factuurdocument aangemaakt
|
Markeert het aanmaken van een factuurdocument in SAP, geparkeerd of volledig geboekt. Dit is doorgaans de eerste gebeurtenis met een timestamp voor een factuur en vormt het startpunt voor procesanalyse. Het is vastgelegd op basis van de invoerdatum en -tijd van het document in de BKPF-tabel. | ||
|
Waarom het belangrijk is
Deze activiteit is het primaire startpunt van het factuurproces. Door de tijd vanaf dit moment te analyseren, meet je de end‑to‑end doorlooptijd en spoor je vroege invoervertragingen op.
Waar te verkrijgen
Dit event wordt afgeleid uit de aanmaaktimestamp van de kopregel van het boekhoudkundig document. Concreet vormen Entry Date (BKPF-CPUDT) en Entry Time (BKPF-CPUTM) samen de timestamp.
Vastleggen
Gebruik de aanmaaktimestamp uit de documentkop in tabel BKPF (CPUDT, CPUTM).
Gebeurtenistype
inferred
|
|||
|
Betalingsblokkade Ingesteld
|
Een factuur is actief geblokkeerd voor betaling, meestal door een afwijking, een lopende goedkeuring of een ander probleem. Dit is een expliciete status op de factuurregel. Het event kan worden uitgelezen uit change document-tabellen. | ||
|
Waarom het belangrijk is
Deze activiteit markeert het begin van een uitzondering of goedkeuringsperiode. Het analyseren van de frequentie en duur van betaalblokkeringen is cruciaal om flessenhalzen en geschillen te herkennen en op te lossen.
Waar te verkrijgen
De gebeurtenis wordt vastgelegd door wijzigingen te volgen in het veld Payment Block Key (BSEG-ZLSPR). Wijzigingslogboeken in de tabellen CDHDR en CDPOS registreren wanneer dit veld wordt ingevuld.
Vastleggen
Volg het aanmaken van records in CDHDR/CDPOS voor het veld BSEG-ZLSPR.
Gebeurtenistype
explicit
|
|||
|
Betalingsblokkade Verwijderd
|
Een eerder ingestelde betalingsblokkade is van de factuur verwijderd, waardoor deze weer voor betaling in aanmerking komt. Dit duidt vaak op het oplossen van een afwijking of het verlenen van goedkeuring. Het event wordt vastgelegd via de wijzigingsdocumenttabellen. | ||
|
Waarom het belangrijk is
Deze activiteit geeft aan dat een uitzondering is opgelost of een goedkeuring is afgerond. De tijd waarin de blokkering actief was, staat voor herwerk of wachttijd, een belangrijk aanknopingspunt voor procesverbetering.
Waar te verkrijgen
Dit event wordt vastgelegd door wijzigingen in het veld Payment Block Key (BSEG-ZLSPR) te volgen. Wijzigingslogs in tabellen CDHDR en CDPOS registreren wanneer dit veld wordt leeggemaakt.
Vastleggen
Volg updates in CDHDR/CDPOS waarbij het veld BSEG-ZLSPR op leeg wordt gezet.
Gebeurtenistype
explicit
|
|||
|
Factuur doorgestuurd voor goedkeuring
|
De factuur is formeel ingediend in een goedkeuringsworkflow. Deze activiteit is vaak gebaseerd op een extern workflowsysteem of een specifieke statuswijziging in SAP. Dit is vaak het startpunt van het goedkeuringssubproces. | ||
|
Waarom het belangrijk is
Dit markeert het begin van de goedkeuringscyclus. Het meten van de tijd tussen dit event en 'Invoice Approved' is cruciaal voor de KPI Goedkeuringscyclustijd van facturen en voor het identificeren van knelpunten rond approvers.
Waar te verkrijgen
Als SAP Business Workflow wordt gebruikt, kan dit event worden opgehaald uit de workflowlogs (bijv. SWWLOG). Zo niet, dan is dit een conceptuele stap die vaak wordt afgeleid van het instellen van een betalingsblokkade om goedkeuringsredenen.
Vastleggen
Haal uit workflowlogs of leid af uit het instellen van een specifieke betalingsblokkade.
Gebeurtenistype
explicit
|
|||
|
Factuur geparkeerd
|
Verwijst naar een factuur die in SAP is ingevoerd maar nog niet in het grootboek is geboekt. Dit is een bewuste stap, zodat later kan worden afgerond of goedgekeurd. Het statusveld van het document in de kopregel geeft aan of een factuur is geparkeerd. | ||
|
Waarom het belangrijk is
Parkeren duidt op een bewuste pauze in het proces, vaak voor controle of vanwege ontbrekende informatie. Door dit te volgen worden oorzaken van vertraging duidelijk voordat een factuur officieel wordt geboekt.
Waar te verkrijgen
Afgeleid uit de documentkop (tabel BKPF) als de documentstatus (BKPF-BSTAT) 'V' (geparkeerd) is. De tijdstempel van het event is de aanmaakdatum en -tijd van het document (BKPF-CPUDT, BKPF-CPUTM).
Vastleggen
Filter op documenten waar BKPF.BSTAT = 'V'.
Gebeurtenistype
explicit
|
|||
|
Goederenontvangst gematcht
|
Verwijst naar de bevestiging dat de goederen of diensten op de factuur zijn ontvangen, door de factuur te koppelen aan een goederenontvangstdocument. Dit is het derde onderdeel van een driewegmatch. Dit wordt afgeleid uit verwijzingen op de factuurregel. | ||
|
Waarom het belangrijk is
Matchen met een goederenontvangst (GR) bevestigt dat het bedrijf heeft ontvangen waarvoor het betaalt. Door dit te volgen kunt u de KPI voor de tijd tot PO‑GR‑factuurmatching analyseren en de validatie versnellen.
Waar te verkrijgen
Afgeleid uit de leveranciersregel in de BSEG-tabel door te controleren of een goederenontvangstdocumentnummer (BSEG-LFBNR) is gevuld, of door de historie van de gekoppelde inkooporder te raadplegen (tabel EKBE).
Vastleggen
Controleer op GR-referentie in BSEG.LFBNR of via PO-historie in EKBE.
Gebeurtenistype
inferred
|
|||
|
Inkooporder gematcht
|
Deze activiteit geeft aan dat de factuurregel succesvol is gekoppeld aan een Purchase Order. Dit is een cruciale validatiestap in een drieweg‑matching. Dit wordt afgeleid uit de aanwezigheid van een PO‑nummer in de details van de factuurregel. | ||
|
Waarom het belangrijk is
Vertraging bij PO-matching kan een groot knelpunt zijn. Deze activiteit analyseren helpt de efficiëntie van het matchingproces meten en facturen opsporen die afwijken van de standaard PO-gebaseerde workflow.
Waar te verkrijgen
Afgeleid uit de leveranciersregel in de BSEG-tabel. Als het inkoopordernummer (BSEG-EBELN) is gevuld, wordt de match geacht te hebben plaatsgevonden op het moment van het aanmaken van het document.
Vastleggen
Controleer op een niet-null waarde in BSEG.EBELN voor de factuur.
Gebeurtenistype
inferred
|
|||
|
Vervaldatum verstreken zonder betaling
|
Dit berekende event treedt op wanneer de huidige datum de netto vervaldatum van de factuur overschrijdt, terwijl de factuur nog niet is gecleared. Het markeert facturen die risico lopen achterstallig te worden of dat al zijn. Dit is geen direct systeemevent. | ||
|
Waarom het belangrijk is
Deze activiteit is essentieel voor het monitoren van de KPI 'Overdue Payment Rate'. Facturen die direct aandacht vragen worden proactief gemarkeerd, zodat boetes voor te late betaling en schade aan leveranciersrelaties worden voorkomen.
Waar te verkrijgen
Dit is een berekend event. Het wordt afgeleid door de huidige datum te vergelijken met de Net Due Date (BSEG-ZFBDT) voor alle open (niet-geclearde) factuurposten. De timestamp van het event is de vervaldatum zelf.
Vastleggen
Afleiden door de huidige datum te vergelijken met BSEG.ZFBDT voor open posten.
Gebeurtenistype
calculated
|
|||